1.GEEN VIS OF VLEES

Geen vis of vlees nog voldoende groente of fruit, het menu van Robin Food lijdt onder een tekort. Oprichter Frans Kamps zit met de handen in het haar, de voedselbank is gestopt met leveren waardoor ze moeten schipperen met de maaltijden. Hulp, en daarmee bedoelt men donaties en/of ingrediënten zijn dringend gewenst. Robin Food serveert al twaalf jaar gratis driegangenmaaltijden voor iedereen die dat kan gebruiken. Of niet zonder kan. En zeker 75 procent van de vrijwilligers van Robin Food hebben een ‘rugzakje’. Zij krijgen bij de kans om mee te doen en te groeien. Eet u even een hapje mee?

Frans staat met Ad aan de bar van het buurthuis te kletsen. Ik vergeet Ed en groet Frans. Is dit erg? Ed vindt van niet, ik vind van wel. “Schuif maar aan bij Ed” zegt Frans en ik begeleid hem naar een lege tafel, Ed is blind. Op tafel staat een sanseveria in een beetje water, niet in een pot maar in een vaas die lijkt op een bovenmaats bierglas, verder een zoutvaatje, een fles maggi en een fles currysaus. Het bestek ligt keurig klaar: lepel, vork, mes en een papieren servet. Ed vertelt dat hij op bezoek is om vrijwilligerswerk te gaan doen voor Robin Food, contacten leggen, mensen ontmoeten bij ‘werkbijeenkomsten’.  Zo helpt in contact met anderen te komen en zonodig hun Nederlands te verbeteren. Hij werkt zelf voor DAS als hulp in de buurt als er rechtsbijstand nodig is. Ed leerde Frans al kennen in de kerk, in de tijd toen hij nog thuis kookte voor een hele groep mensen. De huiskamer was nadat Frans met een buurman was begonnen gevuld van voor tot achter er paste ongeveer 16 mensen. Dat was dik tienjaar geleden. Ed: “Mensen zij eenzaam, gepensioneerd hebben geldgebrek, willen uit hun bubbel komen, er zijn veel redenen waarom mensen vaste klant worden bij Robin Food”.

Van 1 buurman naar 60 gasten

Frans komt er nu zelf bijzitten. Het verhaal van Ed klopt. Frans is begonnen toen hij merkte toen een buurman verderop in de galerij eens kwam eten. Hij kookte toch al voor twee dagen, dus dat was geen extra werk. ‘Hij at niet maar hij vrat, dus dat werd een wekelijkse gast’. Er kwamen steeds mensen bij, aanvankelijk had hij 6 a 7 man om de week aan tafel tot hij een ‘fok it’ moment had en wekelijks ging koken, feestdagen niet uitgesloten. “In het eerste driekwartjaar betaalde ik alles uit eigen zak, maar het groeide maar door. Zestien man in de huiskamer”. Frans is toen mensen gaan vragen hun verantwoordelijkheid te nemen en vrijwillige donaties te doen. Van het kwam het ander en zo kwam er een verzoek van ‘Het Utrechts initiatief’, een kerk die inmiddels niet meer bestaat. Of hij voor 60 man wilde gaan koken. “Ik ben toen gaan posten op Facebook en dat hielp, mensen vroegen om wat ik nodig had. Een serieuze vraag voor mij, vijf euro per maand was mijn antwoord, dat is nu tien jaar geleden. Nu doneren mensen 12 a 13 mensen 5,- per maand.  We koken nu in drie buurthuizen”.

Frans is met name gemotiveerd door frustratie. Frustratie omdat wie aan een eettafel wil aanschuiven vaak gescreend moet worden, dus er moet bepaald worden of iemand daar wel recht op heetf, en daar wil hij niet aan meedoen. Hij doet het simpelweg omdat het kan en je met een gratis maaltijd veel goed kan doen. ‘Mensen raken met elkaar in contact en er ontstaat relaties, vriendschappen. Er zijn hier mensen die van dinsdag naar dinsdag leven.”

Zelf je koekje meenemen

Dat de voedselbank is afgehaakt valt te merken aan de maaltijd, in de tomatensoep drijft hier daar een groen sliertje en de pasta is met kaas en tevredenheid, vlaflip toe. Aan een andere tafel zitten Antonie, Bob, Hans, De Man Zonder Naam, Loes en ene ‘Trump’ bij elkaar te eten. Hij lijkt te smaken en onderwijl kletsen ze overal over; voetbal, politiek, ‘spullen langs de straat’, sambal en kleinkinderen passeren de tafel. Het eten bevalt ze wel, vooral ook omdat ze heel af en toe, niet doorvertellen, ook wat vlees krijgen, dat heb je niet bij andere eettafels, die zijn allemaal ‘vegetarisch en zo’. Mensen nemen zelf het koekje bij de koffie mee. Ze zijn blij met Robin Food, anders zagen ze elkaar niet, hadden elkaar nooit ontmoet. Daarom vragen ze aan iedereen die het horen wil hun buren aan tafel uit te nodigen.

Robin Food kookt behalve in buurthuizen ook voor hun eigen ‘Soep van de Fiets’. Ze hebben twee bakfietsen, een voor de soep en een waarmee ze op straat iets kunnen bereiden, bijvoorbeeld een tosti. Frans wil daarmee twee doelen bereiken, de mensen van straat voorzien van goed en lekker eten en bekend in stad worden. Vandaar dat ze elke zaterdag op het Vredenburg te vinden zijn. ‘Ook hier vragen we niemand wie ze zijn maar geven gewoon, wij willen geen drempels, bij het Leger des Heil krijg je die kop soep niet zomaar’. Frans wil met de bakfietsen ook nog evenementen en organisaties gaan ondersteunen. Robin Food komt overal.

Elke dinsdagavond wordt het georganiseerd op de Teun de Jagerdreef 1a, op donderdagavond is er een gratis maaltijd voor iedereen op de Schoolstraat 11 in Vleuten. Op beide dagen start de inloop om 17.30 en om 18.00 wordt de maaltijd geserveerd. 

2 Toeval of niet?

Niet lang nadat mijn aanstaande vrouw en ik een huis hadden gekocht, liepen we tegen een praktisch probleem aan. In zowel de woonkamer als de slaapkamers lag vloerbedekking. Op zich niet bijzonder, ware het niet dat mijn aanstaande allergisch bleek voor tapijt. Dus dat moest eruit. Onze voorkeur ging uit naar zeil: strak, praktisch en makkelijk schoon te houden.

Maar ja, een goede vloer vinden is één ding — een erkende vakman vinden die het ook netjes legt, bleek andere koek. We hadden het niet bovenaan de prioriteitenlijst staan, maar toch knaagde het. Je wilt je huis gewoon op orde hebben.

En toen gebeurde er iets bijzonders.

Bij ons op de locatie, waar we warme maaltijden serveren aan wie het nodig heeft, komt regelmatig een echtpaar te voet. Ze lopen elke keer zo’n 7 kilometer heen en weer — puur om samen te kunnen eten. Op een dag zag ik de man van dat stel ineens ergens anders staan, midden in een winkelstraat. Koffie in de ene hand, sigaret in de andere. En dat op een plek waar zij helemaal niet wonen.

Nieuwsgierig liep ik op hem af en vroeg:
"Wat doe jij hier nou?"

Hij glimlachte en wees naar het reclamebord boven de winkel waar hij stond:
"Ik werk hier."
Op dat bord stond: gordijnen, laminaat en vloerzeil.

Ik was met stomheid geslagen.
"Serieus? Dat meen je niet?"
"Ja echt," zei hij met een trotse glimlach.

Ik vertelde hem meteen dat wij op zoek waren naar zeil én vooral naar iemand die het ook kan leggen.
"Geen probleem," zei hij, "dat doen we allemaal hier. Je bent van harte welkom."
Ik legde uit dat ik op dat moment de maten niet bij me had, maar vroeg of ik later terug kon komen.
"Tuurlijk," zei hij. "Ik ben zelf chauffeur van de bestelbus, dus niet altijd in de winkel, maar ik stel je wel even voor aan de bedrijfsleider."

Een paar dagen later ging ik terug, met de maten en alle wensen die we hadden: tussenlatjes, hoeklatjes — alles netjes opgemeten. De bedrijfsleider berekende alles zorgvuldig en kwam uit op een totaalbedrag van €1230.

"Laten we het regelen," zei ik, en ik haalde mijn pinpas tevoorschijn.

Hij pakte het pinapparaat, voerde een bedrag in, en op het scherm verscheen: €1000.

Ik keek hem verbaasd aan en zei:
"Je doet jezelf €230 tekort."

Toen keek hij me aan en zei iets wat ik nooit zal vergeten:
"Dat weet ik. Maar als jij hem geen eten had gegeven, dan had hij hier niet kunnen werken."

(Soms vallen dingen op magische wijze op hun plek. Een warme maaltijd, een luisterend oor. Het lijkt klein, maar het kan iemands leven veranderen. En soms… krijg je daar op de meest onverwachte momenten iets moois voor terug.)

3. Hoe één open deur het verschil maakte.

In 2013 kwam ik op een punt in mijn leven waarop er deuren voor mij gesloten bleven die normaal gesproken open waren. Ik voelde me gefrustreerd en machteloos. Maar in plaats van bij de pakken neer te zitten, besloot ik iets te doen. Letterlijk én figuurlijk deed ik mijn eigen voordeur open — voor anderen.

Ik begon met iets kleins, iets eenvoudigs: een gratis driegangenmaaltijd, voor iedereen die het nodig had. Geen formulieren, geen intakegesprekken, geen controle. Iedereen die behoefte had aan een warme maaltijd en een luisterend oor was welkom. In het begin kwamen er zo’n acht verschillende mensen per week bij mij thuis aan tafel. We deelden eten, verhalen, en bovenal: menselijkheid.

Langzaam maar zeker groeide het initiatief. Niet alleen kwamen er steeds meer mensen eten, ook vrijwilligers sloten zich aan. Mensen die wilden helpen koken, tafels dekken, afwassen, of gewoon even tijd wilden maken voor een praatje. De eetavonden werden een warm en gezellig samenzijn, voor sommigen het enige lichtpuntje in een moeilijke week.

Op een gegeven moment zaten we met negentien verschillende mensen aan mijn eettafel. Mijn huis werd letterlijk te klein. Daarom zijn we op zoek gegaan naar een grotere locatie, en die hebben we uiteindelijk gevonden.

Vandaag de dag serveren we wekelijks een gratis driegangenmaaltijd aan gemiddeld zesendertig verschillende mensen. Jong en oud, met of zonder achtergrondverhaal, arm of eenzaam — iedereen is welkom.

Wat begon als een impulsieve daad uit frustratie, is uitgegroeid tot een beweging van verbinding, warmte en solidariteit. Eén open deur maakte het verschil. En dat doet het nog steeds, elke week opnieuw.

 

 

Onze boodschap vertaalt in gedichten

3. De schijf van drie